In december 2023 trokken we de deur van ons pand aan de Nieuweweg achter ons dicht. Einde van een tijdperk.

Onze collega Martine schreef haar memoires.

Dag Nieuweweg

Pand vol herinneringen.
Waar ik binnenkwam in stukken.
Waar ik heling vond, een plek om te zijn.

Koffie, thee en koek.
En soms, als je geluk had, pepernoten of chocola. Zaligheid niet af te meten.

Krakende trap, kleine ruimte met houten luxaflex.
Plek om te rouwen en het leven opnieuw beet te pakken.

De opleiding. Ach, de opleiding.
Vier jaar reizen in een kring van mensen. Met gedoe, met tranen, irritaties, heling, uitspreken, uiten, beetpakken, losgelaten worden, uitreiken, vechten en omarmen.
Het leven leven ondanks elkaar en dankzij elkaar.
Plek van nieuwe levensenergie en kracht.

Het smalle gangetje, waar het altijd dringen geblazen was.
Gebakken eieren, tosti’s en koffie. Veel koffie.
De banken, de kussens, de warme vloer. Het schilderij van de verloren zoon in de wachtkamer.

De slaapzolder. Onder het schuine dak.
Plek voor iedereen. Snurkend, slapend of wakend.
Waar we nachten lang bij een vuurtje het leven doornamen, elkaar mochten ontmoeten, verhalen voorlezen. En dansen.  Oh wát hebben we gedanst.
Om vervolgens bij het ochtendgloren enigszins onvast op onze benen, de smalle trap te bedwingen voor wat schamele uren slaap.

Dag Nieuweweg, je bent me dierbaar.
Ik laat je achter met alles wat je herbergt.

Zoveel mensen die jouw deur binnen kwamen. Aarzelend, verlangend, trefzeker.
Zoveel tranen, hortend en stotend, rijkelijk vloeiend.
Schreeuwen van boosheid, gevloek naar de hemel: “God, waar bent U”.
Gezang, gefluister, geliefkoos en geschuur.

Plek van herstel. Waar alle gebroken halleluja’s hebben geklonken.
We reizen verder. In vertrouwen.
Dichtbij waar we in geloven.